Ga terug

De roofvogels van het Noord-Hollandse kustgebied

De bosuil
'De bosuil leeft vooral in het duingebied van Bergen en vertoeft daar het hele jaar. We horen hem enorm vaak. Het is een nachtjager. Hij heeft een poosje last gehad van de havik, die op hem jaagt, maar de populatie neemt de laatste jaren toe.'

De velduil
'De velduil is een zwerver. Waar eten is, is de velduil. In de Grafelijkheidsduinen in Den Helder, het noordelijkste deel van de Noord-Hollandse duinen, is hij een aantal keer gesignaleerd. Hoewel dat gebied niet bekend is als broedgebied is de kans redelijk groot dat hij daar verblijft.'

De ransuil
'In de winter verblijven ransuilen vaak op plekken waar vroeger een bos stond. Al is er maar één boom over en staat die middenin een nieuwbouwwijk, dan verzamelen de ransuilen zich daar. Dat is genetisch bepaald. Ze houden elkaar voortdurend in de gaten om zo te zien waar er eten is. Ook vinden de vrijgezelle ransuilen hun partner in de groep. Als het voorjaar is, zoeken ze een eigen locatie om te broeden. Dat gebeurt vooral in een verlaten kraaiennest. Boeren willen nogal eens een schot hagel door een kraaiennest jagen. Dan is de ransuil regelmatig de klos. Is het gebied nestarm, dan broedt hij op de grond. Maar daar loert het gevaar van de kat. Je herkent de ransuil aan de twee pluimpjes op zijn kop. Rans is Oudnederlands voor 'petje'.'

De kerkuil
'Het gaat hartstikke goed met de kerkuil. Hij is locatiebestendig. Aangezien kerken zijn voorzien van een stuk gaas in de open toren om vogels te weren, is de kerkuil verhuisd naar schuren. De vogels leven van vooral muizen. Aangezien het goed gaat met de muis, heeft de kerkuil het goed. Hij hoort een muis op vijfhonderd meter afstand ritselen, vliegt er geluidloos naar toe en pakt zijn prooi. Omdat de kerkuil steeds in hetzelfde gebied zijn buit zoekt, wacht de havik op hem tot hij langskomt. De relatief beperkte snelheid van de kerkuil is in het voordeel van de havik.'

De steenuil
'De steenuil is de kleinste uilensoort in Nederland. Hij is niet groter dan een centimeter of tien. Hij leeft in het duingebied. Helaas gaat het slecht met de soort. Dat komt omdat wij mensen teveel opruimen. Steenuilen houden van heggen, houtwallen en knotwilgen. Ze eten muizen, libellen en regenwormen.'

De wespendief
'De wespendief, een havikachtige vogel, broedt ook in het duingebied van Egmond en Bergen. Hij voedt zich met hommels en wespen en struint de bossen af tot hij een bij ziet. Die volgt hij vanuit de dennenboom waar ze honing zoeken en let op waar het dier de grond ingaat. De wespendief begint daar te graven en eet de larven uit het nest.'

De slechtvalk
'De slechtvalk is samen met de havik de enige Nederlandse roofvogel waarmee een valkenier mag jagen. De slechtvalk is het snelste dier ter wereld. Horizontaal vliegend bereikt hij snelheden van 70 kilometer per uur. Hij verrast zijn prooi door zich vanaf grote hoogte, soms wel 60 meter, in duikvlucht met 200 tot 300 kilometer per uur op een duif te storten. Door die enorme klap is de duif meteen dood. Mocht hij nog tekenen van leven geven dan krikt hij met een hoekje van zijn snavel de nekwervel van de duif los. De slechtvalk is een rotsbroeder en je vindt hem tegenwoordig al meer op hoge gebouwen, bijvoorbeeld op het haventerrein van Den Helder. In de zomer zie je hem op Willemsoord. In Huisduinen zit hij op de vuurtoren. Als je aan de rand van een weiland staat, speur dan naar een verhoging van een molshoop. Als je daarop een wit vlekje signaleert, dan is dat een slechtvalk. Ook als je een groep vogels ziet opvliegen en één ervan vliegt tegen de groep in, dan is het een slechtvalk die een van de vogels, bijvoorbeeld een kievit, probeert te grijpen.'

De boomvalk
'De duinen zijn voor de boomvalk een aantrekkelijk leefgebied. Hij eet insecten als torretjes en libelles, die hij uit de lucht vangt en al vliegend met zijn poten naar zijn snavel brengt en opeet. Ook de boomvalk broedt in lege nesten van kraaien.'

De torenvalk
'Torenvalken kunnen stil in de lucht hangen met snelbewegende vleugels, bidden genoemd, en een gespreide staart. Tijdens het bidden kijken ze naar beneden op zoek naar een prooi. Als ze deze hebben gevonden, duiken ze erop af. Torenvalken kunnen ultraviolette kleur zien, die in urine van muizen zitten. Een muis is voortdurend incontinent, dus de torenvalk hoeft alleen maar het spoor van de muis te volgen.'

Het smelleken
'Het smelleken is een wintergast in ons gebied. Het is een prachtig mooie mini-slechtvalk die uit Scandinavië overkomt om hier te overwinteren. Het smelleken, ook wel dwergvalk genoemd, is een kleine vogel. Hij durft ook grotere dieren te weerstaan, negeert straal mensen tijdens een aanval en deinst er niet voor terug om een volière binnen te dringen.'

De havik
'De havik is wat mij betreft door zijn forse verschijning dé roofvogel. Net zoals bij andere roofvogelsoorten is het vrouwtje ruim een derde groter dan het mannetje. Hoe groter de vogel, hoe meer dat opvalt. De reden dat het vrouwtje groter is, is dat zij op het nest de eieren moet beschermen. Het havikvrouwtje weegt ruim een kilo, het mannetje zo'n 800 gram. Haviken eten duiven, maar ook konijnen en hazen. Voor het broedseizoen tijdens de baltsvluchten maken ze, net als de sperwer overigens, heel veel herrie. Zie je een havik met een gele ogen dan is dat een jong exemplaar. Jonge haviken zijn roodbruin met verticale borststrepen Diep oranje zie je bij wat oudere vogels. Verder zijn zij loodgrijs met horizontale zwarte strepen op de witte borst.'

De sperwer
'De sperwer lijkt op de havik. Deze vogels broeden onder andere in het Timorpark in Den Helder. Het grote verschil tussen de twee is dat de sperwer kleiner is en echt een schavuit is die jaagt op vogels als merels, mussen en mezen. Op de plukplaats laat de sperwer vaak de pootjes van zijn prooi laat liggen. De soort komt veel voor in het kustgebied.'

De buizerd
'De buizerd voedt zich met dode verkeersslachtoffers en kadavers. Je ziet hem vaak op een paaltje zitten, waar hij wacht op muizen of molletjes. Na een regenbui loopt hij over het weiland op zoek naar regenwormen die dan tevoorschijn zijn gekomen. De donkere buizerd leeft vooral in bosrijk gebied. De lichte op open terrein.'

De bruine kiekendief
'De bruine kiekendief bestaat voornamelijk uit veren. Hij is dus heel licht. Hij broedt in rietkragen, bijvoorbeeld in Het Zwanenwater in Callantsoog. Hij heeft net als uilen in zijn gezicht een krans van veren. Hij jaagt op muizen en jonge haasjes. De bruine kiekendief zweeft voornamelijk. Zo kan hij zonder veel energie te gebruiken alles afzoeken. De prooi geeft hij af aan zijn vrouwtje buiten het nest, die ermee naar het nest gaat om de jongen te voeden.'

Met een verrekijker naar Balgzand in plaats van naar Ajax

Mart Schrieken is dol op roofvogels. 'Ik vind het gewoon erg leuk om roofvogels te zien. Het is erg fascinerend om zo dicht bij jagende roofvogel te mogen zijn. Ik ging als tiener niet naar Ajax, maar met een verrekijker naar Balgzand, het belangrijkste vogelgebied van Noord-Holland, om vogels te spotten. Gewonde vogels nam ik mee naar huis. Dat werd een halve vogelopvang. Als mijn vrouw wilde douchen had ze grote kans dat er een gewonde meeuw in de badkamer zat. Ik heb van mijn passie mijn baan kunnen maken. Ik jaag met roofvogels, geef presentaties, demonstraties en workshops en ik word ingehuurd bij speciale gelegenheden als trouwerijen.'
www.valkerij-noordholland.nl

TOP