Ga terug

'We willen straks dat bezoekers aan het Rijks, het Van Gogh en het Stedelijk ook naar de Nollen komen'

Neef Paul Jan zet met zoons Gijs en Ruud jr. levenswerk Ruud van de Wint voort

DEN HELDER – Ruud van de Wint maakte groot werk en dacht groot. Zijn nazaten doen dat ook. Waar de kunstenaar het museum-in-wording had uitgedacht als immens grote werkplaats/ atelier, gaan zoons en neef Van de Wint voor niet minder dan een museum dat mensen trekt die normaal gesproken alleen de top drie bezoeken van Amsterdamse musea: het Rijksmuseum, het Van Gogh Museum en het Stedelijk Museum. Paul Jan: 'Ik droom ervan dat het R.W. van de Wint museum tot de categorie niet te missen musea van Nederland gaat behoren.'

Het was tijdens Van de Wints leven al de bedoeling dat zijn familie De Nollen voort zou zetten. Een hartaanval op 63-jarige leeftijd vervroegde dat plan onverwachts. Omdat Van de Wint heel veel werk heeft achtergelaten, werd het idee opgevat voor een museum met uitsluitend werk van Van de Wint. 'Geweldig als al het werk dat staat opgeslagen, straks te zien zal zijn', zegt zoon Gijs van de Wint. 'Omdat het museum sowieso uniek wordt voor de Kop van Noord-Holland hebben we van diverse partijen, onder andere de Provincie Noord-Holland, de gemeente Den Helder en het Waddenfonds bijdragen ontvangen om het museum te realiseren', vult Paul Jan aan. 'Mijns inziens wordt het museum uniek in de wereld omdat het hele project is gecreëerd door één kunstenaar. Met een goed marketingplan willen we aansluiting zoeken bij het toerisme, ook uit het buitenland. Nu is De Nollen nog een goed bewaard geheim. Dat vinden we op dit moment niet erg. Als het museum straks opengaat, zullen we grotere belangstelling creëren.'

TOP